Op maandag 4 mei lanceert Politiezone Antwerpen de campagne ‘Zo ontmasker je oplichters’. Met herkenbare gezichten en echte verhalen toont de politie hoe cybercriminelen te werk gaan en hoe snel ze zich kunnen voordoen als iemand anders.
Maak kennis met Robert P. Hij belt je op als ‘bankmedewerker’ en waarschuwt voor verdachte transacties. Of met Delphine H., die je een aantrekkelijke job aanbiedt die niet bestaat. Misschien kom je Kevin L. wel tegen, die je overtuigt om te investeren. Of Emilie F., die inspeelt op je vertrouwen met valse documenten en identiteiten.
Geld of gegevens buitmaken
Ze lijken betrouwbaar. Ze klinken overtuigend. Maar ze hebben één doel: je geld of je gegevens buitmaken.
Cybercriminelen worden steeds inventiever en gebruiken verschillende kanalen om slachtoffers te bereiken: telefoon, sms, WhatsApp, sociale media of valse websites. Ze doen zich voor als een bank, een overheidsdienst, een werkgever of zelfs iemand die je kent.
Vaak dezelfde werkwijze
De werkwijze is vaak dezelfde: criminelen spelen in op het vertrouwen en creëren een gevoel van urgentie. Zo proberen ze slachtoffers te overtuigen om dringend persoonlijke gegevens te delen, geld over te schrijven of handelingen uit te voeren die grote financiële gevolgen kunnen hebben. Bij recente feiten in Antwerpen deden daders zich bijvoorbeeld voor als politie of bankmedewerkers en maakten ze zo aanzienlijke bedragen buit.
Wie is dit écht?
De insteek van de campagne is het principe van het spel ‘Wie is het?’. Want achter elk bericht, telefoontje of profiel kan een andere oplichter schuilgaan. De boodschap is duidelijk: stel jezelf altijd de vraag met wie je écht te maken hebt.
De belangrijkste reflex blijft eenvoudig: gebruik je gezond verstand. Voelt iets verdacht aan of lijkt het te mooi om waar te zijn? Dan is dat meestal ook zo.
Slachtoffer? Doe aangifte
Je kan de campagne spotten op sociale media en in online advertenties, maar ook in het Antwerpse straatbeeld, onder meer op trams, affiches …
Werd je toch slachtoffer? Twijfel dan niet om aangifte te doen. Elke aangifte helpt om daders op te sporen en eventuele andere slachtoffers te voorkomen. Bovendien kan de politie met voldoende informatie patronen herkennen en sneller ingrijpen.
Burgemeester Els van Doesburg
“Cybercriminelen spelen elke dag een nieuwe rol, maar hun bedoeling blijft dezelfde: mensen misleiden en bestelen. Daarom is online waakzaamheid even belangrijk als sloten op je deur. Met deze campagne willen we Antwerpenaren informeren: herken de signalen, neem de tijd om te twijfelen en doe altijd aangifte.”
Blijf alert en herken signalen
Met deze campagne wil Politie Antwerpen aantonen dat cybercriminelen vele gezichten hebben, maar dat je ze kan ontmaskeren door alert te blijven en signalen ernstig te nemen. Want wie de werkwijze van cybercriminelen begrijpt, kan zichzelf én zijn omgeving beter beschermen.
Het overkomt IEDEREEN
Online oplichterij piekt als nooit tevoren, met meer dan 42 000 meldingen per dag. Cybercriminelen zijn gewiekst, creatief en viseren elke laag van de samenleving.
Veel slachtoffers zeggen achteraf hetzelfde: “Ik dacht dat het mij nooit zou overkomen.” Op deze pagina lees je hoe online oplichters te werk gaan en hoe je hen kan ontmaskeren. Ben je toch slachtoffer geworden? Doe dan altijd aangifte.
Online oplichting in verschillende vormen
De tijd dat een antivirusprogramma of firewall volstond, ligt achter ons. Vandaag pakken oplichters het anders aan. Ze nemen persoonlijk contact op en doen zich voor als iemand die je vertrouwt: een behulpzame bankmedewerker, een betrokken recruiter, een veelbelovende investeerder of zelfs een vriend of familielid. Het is verdacht moeilijk geworden om te achterhalen met wie je echt praat. We brengen de verschillende vormen van oplichting in kaart. Zo kan je ze herkennen voor het te laat is.
Tips
- Geef nooit je pincode door
- Check de identiteit van je gesprekspartner
- Bescherm je apparaten
- Verifieer de afzender en de links
- Zoek de fout
- Is het dringend? Dan is het verdacht.
- Wees altijd op je hoede.
- De bank komt NOOIT op huisbezoek.
Hoe ontmasker je de daders?
Hoewel hun aanpak sterk kan verschillen, doen oplichters vaak hetzelfde: ze bespelen je emoties om je iets te laten doen. Die daad lijkt soms klein, zoals op een link klikken, maar kan grote gevolgen hebben. Hieronder ontdek je hun verhalen. Wie begrijpt hoe ze werken, kan hen sneller herkennen en ontmaskeren.
Robert P. – helpdeskfraude
Helpdeskfraude is een vorm van oplichting waarbij een dader zich voordoet als medewerker van een bank, dienst of organisatie om je via angst en vertrouwen persoonlijke gegevens, codes of toegang tot je rekening te ontfutselen.
Aan al diegenen die denken dat ze online oplichters kunnen herkennen: ik heb honderden van jullie beroofd. Ik ging niet op zoek naar zwakke mensen, maar naar momenten van zwakte. En die vertoont iedereen. Eén moment van onoplettendheid was genoeg om ze mee te nemen in het spel.
“Het doel was om de slachtoffer zo snel mogelijk aan te zetten tot actie.”
De meeste mensen linken helpdeskfraude aan duistere programma’s, hackers of malafide AI-robots. Maar dat was gewoon mijn gereedschap. Wat ik in feite deed, was menselijke manipulatie. Het doel was om het slachtoffer zo snel mogelijk aan te zetten tot actie. Klikken, downloaden, pincodes geven, noem maar op. Daarvoor speelde ik in op hun emotie. Mijn favoriet was angst. Want als mensen bang worden, denken ze niet meer na. En dat is precies wat ik wou bereiken. Hun gezond verstand uitschakelen. Maar laten we beginnen bij het begin.
“Eerst bang maken. Dan vertrouwen opbouwen.”
Om niet meteen door de mand te vallen, begon ik met een klein onderzoekje.
Kwestie van te weten bij welke bank mijn slachtoffer zat, of die bepaalde tak 21-verzekeringen had, enzovoort. Zo leek ik hun persoonlijk dossier goed te kennen, kon ik me voordoen als een nieuwe medewerker van hun bankkantoor en kreeg ik ze vrij makkelijk aan het luisteren. En dan kon het spel beginnen. Eerste stap: angstig maken met een groot probleem. Een verdachte transactie, iemand die op hun account probeerde in te loggen, grote sommen geld die van hun rekening verdwenen. Let op, het was geen pure paniek of keihard druk zetten. De toon was altijd beleefd, eerder rustig, maar wel kordaat. Ik koos altijd voor een situatie die dringend was, maar die we samen onder controle konden houden. Dat was mijn manier van werken. Eerst bang maken. Dan vertrouwen opbouwen.
“Ik was degene die hen kon helpen.”
Hun vertrouwen winnen, was heel belangrijk. Ze moesten het gevoel hebben dat ik de oplossing bracht. Dat ik degene was die hen kon helpen. Wat ik telkens van hen vroeg, was een soort handeling. Persoonlijke informatie geven, zoals een pincode.
Of een programma downloaden, of hun kaart laten ophalen. Als mijn slachtoffer daarop inging, was ik binnen. Op een paar minuten tijd kon ik de rekening plunderen. Game over.
“Als je niets doet, kan je niets verkeerd doen.”
Er zullen altijd mensen zoals ik aan het werk zijn. En er gaan altijd nieuwe tools ter beschikking zijn. Nu ik uit dat milieu ben, kan ik wel een concrete tip geven. Er is maar één manier om je echt veilig te stellen tijdens een gesprek. Als je niets doet, kan je niets verkeerd doen. Dat klopt als een bus. Ga nooit in op wat oplichters zeggen. Twijfel je of je met een oplichter te maken hebt? Houd het hoofd koel, onderbreek het gesprek en maak een melding achteraf.
Delphine H. – vacaturefraude
Bij vacaturefraude zet de oplichter een valse jobaanbieding in om je persoonlijke gegevens, bankgegevens of identiteit te stelen, zodat hij er geld mee kan verdienen of andere fraude op jouw naam kan plegen.
Weet je wat handig is aan jongeren die een job zoeken? Ze zijn happig. Ze willen erin vliegen, snel geld verdienen en nemen dus zelf contact met je op. Maar ze zijn niet dom. Voor mij kwam het er vooral op aan om te beginnen met een heel aanlokkelijke vacature, meestal bij een bekend bedrijf. Daarna moest ik gewoon de rust zelve zijn. Geen druk zetten, maar goesting geven.
“Hun bank- en identiteitsgegevens verkocht ik aan georganiseerde bendes.”
Ik was niet op zoek naar grote sommen geld. Anders had ik wel een andere doelgroep gekozen. Voor mij draaide het vooral om het verzamelen van bank- en identiteitsgegevens. Die kon ik makkelijk en voor een goeie prijs doorverkopen aan georganiseerde bendes. Zij gebruikten die dan weer om bijvoorbeeld cryptorekeningen te openen of fraude te plegen in naam van iemand anders.
“Ik bood topjobs aan. Fake jobs, weliswaar, maar ze klonken echt wel goed.”
Bij de meesten was er geen greintje wantrouwen. Waarom zouden ze ook? Ik deed me altijd tof en toegankelijk voor en bood topjobs aan. Fake jobs weliswaar, maar ze klonken echt goed. Glijdende uren, deftig betaald, late shifts, veel telewerk, enzovoort. Ik gebruikte bijna altijd bestaande jobplatforms en deed me voor als een bekend bedrijf. Het eerste doel was om hen zelf contact te laten opnemen. Eens dat gebeurde, wilde ik hen zo snel mogelijk van het platform weg krijgen naar een privéchat. WhatsApp, Telegram, Signal, dat maakte niet uit. Zolang ik maar weg was uit een gemonitorde omgeving en kon overschakelen naar een versleutelde chat. Onder het mom van ‘dat is persoonlijker’ of ‘dat communiceert makkelijker’ kreeg ik hen meestal snel mee.
“Heb je ooit al moeten betalen voor een job? Ik heb honderden jongeren zo ver gekregen.”
In de privéchats had ik de volledige controle. Die apps hebben allemaal een ingebouwde fotofunctie, dus de sollicitanten konden in een mum van tijd foto’s doorsturen van hun identiteitskaart en bankkaart. En dan ging ik zelfs nog een stap verder. Ze moesten zogezegd betalen voor hun uniform. Pas op, dat was bijna niets: 2 of 3 euro. Maar in werkelijkheid gaf die betaling mij toegang tot hun gegevens, en dus ook tot veel meer. Daarmee konden illegale transacties gebeuren, of accounts worden geopend op hun naam. Zot, hé? Maar het werkte. Ik heb zo veel jongeren meegekregen in mijn verhaal. En voor ze beseften wat er echt gebeurde, was het al te laat.
“Als het te goed is om waar te zijn …”
Door hen hoop te geven op een snelle, simpele job, schakelde ik hun gezond verstand uit. Terwijl er nochtans duidelijke manieren waren om me te herkennen.
Alleen viel dat niet altijd meteen op. Hoewel de platforms legitiem waren, waren er toch een paar opvallende signalen. De oplichters met wie ik samenwerkte, gaan het niet graag horen, maar bon. Hier is een gouden tip. Geen enkele recruiter vraagt om het gesprek verder te zetten in een privéchat. En al zeker niet om te betalen voor een uniform. Uiteindelijk waren ook de vacatures zelf net iets te mooi om waar te zijn: veel geld, weinig uren, dichtbij huis of zelfs volledig telewerk. Als het te goed klinkt om waar te zijn, dan is het dat meestal ook.
Kevin L. – investeringsfraude
Bij investeringsfraude verleiden oplichters hun slachtoffers om geld te investeren. Dat doen ze vaak via professioneel ogende advertenties en valse succesverhalen. In werkelijkheid wordt dat geld nooit echt belegd, maar belandt het rechtstreeks op de rekening van de oplichters.
In tijden van financiële crisis is het niet zo moeilijk om de aandacht te trekken. De formule die we verkochten, was poepsimpel: weinig moeite, kleine investering, grote winst. Over die eerste twee waren we nog min of meer eerlijk. Maar die grote winst?
Die was er wel degelijk. Alleen niet voor het slachtoffer dat dacht te investeren.
“Wie klikte, kreeg het privilege om deel uit te maken van een privégroep van experts.”
Wij deden ons voor als een zelfverzekerd, opkomend financebedrijf dat het systeem had gekraakt. Via professionele advertenties op sociale media lokten we mensen met zogenaamde kansen in beursinvesteringen of cryptomunten. Grafieken, succesverhalen, beloftes van snelle winst … Alles moest uitstralen dat dit een unieke kans was. Wie klikte, kwam vaak bij mij terecht. Ik hield het gesprek bewust kort. Al snel gaf ik hen het gevoel dat ze iets exclusiefs aangeboden kregen: toegang tot een besloten WhatsApp- of Telegramgroep, waar zogezegd de beste tips en strategieën werden gedeeld.
“Van 300 euro naar 3 000 euro op een paar weken.”
Die groep bestond zogezegd uit experts en andere investeerders, maar in werkelijkheid waren dat bijna allemaal valse profielen. De hele dag door verschenen er succesverhalen. Kleine bedragen die op korte tijd verdubbelden of verdrievoudigden. 300 euro werd plots 3 000 euro. Dat deed iets met mensen. Niet meteen, maar geleidelijk. Ze kregen het gevoel dat ze misschien een kans lieten liggen en stapten mee in met kleine bedragen. 50 euro, soms 100. En we hadden ze exact waar we ze wilden. Toen daar na een paar dagen zogezegd winst op kwam, kantelde het verder. De twijfel begon te zakken. Hoop en hebzucht namen stilaan over. Vanaf dan werd het makkelijker om grotere bedragen te vragen. Nog een storting, nog een kans, nog een stap extra richting meer rendement.
“We hadden dashboards en een klantenportaal.”
Dat rendement zouden ze nooit echt zien. Enfin, ze dachten van wel, want op onze website hadden we een dashboard gebouwd, compleet met klantenportaal. Dat zag er overtuigend uit. Professioneel, overzichtelijk, geloofwaardig. Maar het had slechts één doel: slachtoffers stap voor stap meer geld laten investeren. En zodra dat geld binnen was, waren wij weg. Geen bericht meer, de website offline, spoorloos verdwenen. Tegen dan hadden ze vaak al duizenden euro’s gestort. En die winst die ze zogezegd eerder hadden gemaakt? Die hadden ze intussen gewoon opnieuw bij ons geïnvesteerd. Dus verliezen deden wij nooit.
“Belofte maakt schuld.”
Als ik erop terugblik, zat ons systeem goed in elkaar. We beloofden veel, maar die belofte leidde heel snel naar schulden. Niet voor ons, wel voor onze slachtoffers. Zodra we iemand zover kregen om een eerste kleine investering te doen, liep ons plan zelden nog mis. Daarna volgden grotere bedragen. Voor veel mensen eindigde het in financiële problemen waar ze niet zomaar uit raakten. Nu ik zelf niet meer in de bende zit, wil ik gerust een sterke tip meegeven. Zoek de naam van je zogenaamde investeerder online op en controleer of het bedrijf echt bestaat. Wij werkten uiteraard zonder geldig btw- of KBO-nummer en dat kan je vandaag op genoeg gratis websites gewoon nagaan.
Emilie F. – visumfraude
Bij valse visumaanvragen worden slachtoffers naar een nepwebsite gelokt die eruitziet als een officiële overheidsdienst. Daar betalen ze voor een reisdocument dat uiteindelijk niet geldig blijkt te zijn.
Ik dank de wereldleiders voor hun strengere visumregels. Ze hebben me op korte tijd veel opgebracht. Want als mensen informatie zoeken over visa of reisdocumenten, doen ze dat meestal gewoon via Google. En daar wist ik handig op in te spelen. Veel mensen zien het verschil niet tussen een gewoon zoekresultaat en een gesponsorde advertentie. Voor mij was dat ideaal.
“Als het eruitziet als de overheid. En het klinkt als de overheid. Dan zal het wel de overheid zijn, niet? Niet.”
Ik had eigenlijk twee manieren van werken. Ofwel deed ik me voor als de overheid zelf, ofwel als een reisagentschap dat je zogezegd werk uit handen nam. Geen stress, ik zou die visumaanvraag wel voor je regelen. Me voordoen als de overheid was trouwens niet zo moeilijk: een droge toon, software die niet al te modern oogde, een paar vlaggen en logo’s, en klaar. Voor veel mensen klonk dat geruststellend.
Maar hoe het verhaal ook begon, het eindigde voor mij meestal op dezelfde manier: geld op mijn rekening, en een foto van het paspoort, voor- en achterkant.
“6 universele emoties + 1: geen zin in admin”
Het was vaak voorbij in een paar klikken. Als mensen een reis plannen, zitten ze in hun hoofd al op hun bestemming. Ze kijken vooruit en willen vooral zo snel mogelijk af van alle administratie errond. Net daar speelde ik op in. Ik moest nauwelijks op angst of paniek duwen, alleen op dat simpele gevoel van: ik heb echt geen zin in deze administratie. Maak het platform een beetje intuïtief en voor je het weet zitten ze al in het betaalportaal.
“De foto’s van de paspoorten kon ik daarna doorverkopen op het dark web.”
Die betalingen liepen bijna altijd via PayPal of met Visa. Bancontact was voor mij geen optie, omdat dat te veel sporen naliet. En intussen zat ik ook nog eens op een hele stapel paspoortfoto’s, die ik later opnieuw kon doorverkopen op het dark web.
Daar verdiende ik geen fortuin mee, maar het was wel een mooie extra. Als ik er nu op terugkijk, was het eigenlijk bijna te simpel om waar te zijn.
“Er zijn nog honderden andere oplichters aan het werk.”
Ik ben er zelf mee gestopt, omdat de politie me heeft opgespoord. Maar er zijn nog honderden andere oplichters aan het werk. Als ik erop terugblik, was er nochtans een simpele vuistregel om ons te herkennen: de overheid adverteert niet en laat ook andere betaalmethodes toe dan alleen Visa of PayPal.
Ik ben slachtoffer, wat nu?
Als slachtoffer is het belangrijk om altijd een aangifte te doen. Enerzijds omdat we je kunnen helpen om je nadeel zoveel mogelijk te recupereren. Bezorg ons ook al je bewijsmateriaal, zonder er iets aan te veranderen. Anderzijds omdat we zo de daders beter kunnen opsporen en vatten, voor ze andere slachtoffers maken.












