Provincie Antwerpen en UAntwerpen onderzoeken hoe bruggen en tunnels kansen bieden voor mobiliteit en omgeving
Vandaag beoordeelde een jury in het provinciehuis van Antwerpen de ontwerpvoorstellen van studenten Architectuur van de Universiteit Antwerpen. De studenten onderzochten spooroverwegen in Nijlen en Bouwel, langs de spoorlijn tussen Lier en Herentals. Vlaanderen telt historisch veel overwegen. Die overwegen blijven kwetsbare punten in het mobiliteitsnetwerk: volgens Infrabel gebeurt er gemiddeld één ongeval per week aan overwegen en valt er gemiddeld één dodelijk slachtoffer per maand bij een incident aan een overweg. Daarom wil Infrabel, waar mogelijk, overwegen sluiten of vervangen door veilige alternatieven zoals een tunnel, brug, onderdoorgang, fietspad of langsweg.
De studenten onderzochten wat zo’n ingreep lokaal kan betekenen. Wat gebeurt er als een overweg verdwijnt en plaatsmaakt voor een brug of tunnel? Hoe verandert dat het verkeer? En welke impact heeft dat op het dorp, het landschap en de omgeving waar mensen wonen, fietsen, wandelen of elkaar ontmoeten?
Het gaat om een academische denkoefening. De ontwerpen tonen op een duidelijke en visuele manier welke keuzes mogelijk zijn, welke gevolgen die keuzes hebben en welke kansen ze bieden voor mobiliteit, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid.
“Een brug of tunnel is meer dan een technische oplossing voor een spooroverweg,” zegt Luk Lemmens, gedeputeerde bevoegd voor Ruimtelijke Ordening. “Zo’n ingreep verandert de manier waarop een dorp, wijk of stad werkt en eruitziet. Net daarom kijken we verder dan verkeer alleen. Het vervangen van een overweg kan een hefboom zijn om de omgeving opnieuw in te richten en sterker te maken. Denk aan een groener kerkplein, meer ruimte voor horeca, markten of activiteiten, of veiligere en aangenamere plekken voor fietsers en voetgangers. Met deze ontwerpoefeningen tonen we dat infrastructuur ook kansen biedt voor kernversterking en voor een betere leefomgeving.”
Waarom deze spoorlijn?
De provincie Antwerpen werkte eerder een visie op de regio uit in de mobiliteitsstudie Zuiderkempen. Hierin bleek de verbinding Lier-Herentals een belangrijke oost-westverbinding voor de regio te zijn. Die studie werd door de provincie Antwerpen uitgevoerd op vraag van de lokale besturen van de Zuiderkempen.
De verbinding loopt door Lier, Nijlen, Grobbendonk en Herentals. Langs dit traject komen veel functies samen: dorpskernen, open ruimte, scholen, winkels, werkplekken, stations, fietsroutes en de gewestweg N13. Ook de toekomstige fietsostrade F103 volgt deze spoorlijn. Wat op één plek gebeurt, kan dus gevolgen hebben voor veel mensen en voor de ruimere omgeving.
De keuze past ook binnen het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Antwerpen. Daarin staat dat de provincie gemeenten ondersteunt bij kernversterking en bij de ruimtelijke uitwerking van de modal shift. Met andere woorden: hoe zorgen we ervoor dat dorpen en steden sterker worden, en dat meer mensen zich vlot en veilig kunnen verplaatsen met de fiets, te voet of met het openbaar vervoer?
“Spooroverwegen zijn kwetsbare punten in ons mobiliteitsnetwerk. Gemiddeld gebeurt er volgens Infrabel één ongeval per week aan een overweg en valt er één dodelijk slachtoffer per maand bij een incident aan een overweg. Dat zijn harde cijfers. Net daarom wil Infrabel het aantal overwegen waar mogelijk verminderen en vervangen door veilige alternatieven, zoals bruggen, tunnels of andere mobiliteitsoplossingen,” zegt Mireille Colson, gedeputeerde voor Mobiliteit. “Maar zo’n ingreep moet altijd zorgvuldig worden afgewogen. Een overweg sluiten of vervangen heeft gevolgen voor fietsers, voetgangers, automobilisten, openbaar vervoer en de leefbaarheid van de buurt. Met deze oefeningen helpen we lokale besturen om die mobiliteitsvragen breder te bekijken.”
Van studie naar beelden
Twintig studenten van de eerste master Architectuur werkten aan concrete spooroverwegen. Ze brachten de huidige situatie in kaart, onderzochten alternatieven en vertaalden hun inzichten in ontwerpvoorstellen met kaarten, schetsen en beelden.
De ontwerpvoorstellen helpen lokale besturen om keuzes helder in beeld te brengen en goed af te wegen. Een brug of tunnel roept vaak veel betrokkenheid op bij inwoners. Hoe kan de ingreep goed aansluiten bij het dorp of het landschap? Hoe wordt de plek veiliger en beter bereikbaar? Hoe blijft de omgeving aangenaam? En welke kansen ontstaan er tegelijk voor meer groen, ruimte voor water, ontmoeting of een betere fietsverbinding?
Prof. Maarten Van Acker van de Universiteit Antwerpen: “Wie naar een spooroverweg kijkt, ziet vaak een gevaarlijke oversteekplek. Onze studenten keken verder dan de slagboom. Zij zien er in de plaats daarvan een elegante fietsbrug die niet alleen efficiënt een verkeersconflict oplost, maar ook een trotse landmark voor het dorp kan worden. Een tunnel die geen donker gat hoeft te zijn, maar evengoed een openluchtatrium voor de buurt kan worden. Een spoorwegberm die niet alleen scheidt, maar ook als ecopassage kan verbinden. Of een stationsparking die vandaag vooral uit asfalt en blik bestaat, maar morgen opnieuw een echt dorpsplein kan worden. Dat is de kracht van ontwerpend onderzoek: het maakt zichtbaar dat de spoorinfrastructuur in onze gemeenten en dorpen een begin kan zijn van betere mobiliteit, sterkere dorpskernen en plekken waar mensen niet alleen passeren, maar ook graag blijven.”
Vervolg: Planathon in oktober 2026
De jurybeoordeling vormt een stap naar het vervolg van het traject. In oktober 2026 organiseert de provincie Antwerpen een Planathon. Dat is één week van intensieve ontwerpsessies waarin jonge ontwerpers samen met experten verder werken op twee cases.
Tegen het einde van 2026 ontvangen de betrokken lokale besturen Lier, Nijlen, Grobbendonk en Herentals beelden, aanbevelingen en leerpunten. Dit kan hen helpen bij toekomstige keuzes over veilige verplaatsingen, aangename publieke ruimte en sterke dorpskernen.
Met dit traject ondersteunt de provincie Antwerpen haar lokale besturen bij beleidsvragen. Tegelijk krijgen studenten de kans om te werken aan een concrete vraag die vandaag leeft in de regio.
Foto: Copyright: provincie Antwerpen












