Kristof Santy presenteert nieuwe schilderijen, tekeningen en driedimensionale werken op koperen platen bij de Brusselse galerie Sorry We’re Closed

KRISTOF SANTY
BOLERO
10 september – 24 oktober 2026
Sorry We’re Closed, Brussel

In september presenteert Sorry We’re Closed BOLERO, een omvangrijke nieuwe solotentoonstelling van de Belgische kunstenaar Kristof Santy (°1987, Roeselare), verspreid over de drie verdiepingen van de galerie.

De tentoonstelling brengt een volledig nieuw ensemble van schilderijen, tekeningen en — voor het eerst — driedimensionale werken op koperen platen samen. Naar aanleiding van de tentoonstelling verschijnt eveneens een nieuwe publicatie die dieper ingaat op Santy’s recente praktijk en beeldtaal.

De titel BOLERO verwijst naar de gelijknamige compositie van Maurice Ravel: een hypnotiserend en repetitief muziekstuk dat vanuit een bijna monotone aanzet langzaam opbouwt naar een overweldigende climax. Die voortdurende herhaling, ritmiek en accumulatie vormen een belangrijke parallel met Santy’s schilderkunst. Zijn werk draait minder om het onderwerp zelf dan om vorm, compositie, ritme, kleur en de manier waarop beelden zich langzaam ontvouwen en intensifiëren.

Hoewel Santy vertrekt vanuit herkenbare motieven — bloemen, interieurs, gerechten, voertuigen, gereedschappen en objecten uit het dagelijkse leven — overstijgen de werken de loutere representatie. Door een spel van compositie en perspectief, geometrische patronen, herhaling en verzadigde kleuren worden banale voorwerpen monumentaal, raadselachtig en geladen.

Santy’s oeuvre is geworteld in volkskunst, “imagerie populaire” en de traditie van de Belgische schilderkunst, maar ontwikkelt tegelijk een uitgesproken hedendaagse beeldtaal. Echo’s van Jean Brusselmans, Ensor, Joseph Willaert en Magritte resoneren in zijn werk, naast verwantschappen met Giorgio de Chirico of Konrad Klapheck. Toch gaat het Santy nooit om referentie of nostalgie, maar om schilderkunst als levende denkruimte.

Een belangrijk aspect van Santy’s praktijk is zijn fascinatie voor de esthetiek van het alledaagse en het vergeten object. Zoals Philippe Van Cauteren opmerkt in zijn tekst voor de publicatie, kan de kunstenaar zich verliezen in de vormelijke schoonheid van zaken die zich doorgaans in de marge bevinden: een keramisch schoorsteenfragment, een amateur-schilderij van een rommelmarkt, een religieuze sculptuur of een eenvoudig gebruiksvoorwerp. Vanuit die intense aandacht ontstaat een oeuvre dat het alledaagse niet afbeeldt zoals het is, maar transformeert tot een nieuwe picturale werkelijkheid.

Ook het plezier van het schilderen zelf speelt daarin een centrale rol. Santy bouwt zijn beelden laag per laag op, in een directe dialoog tussen kleur, ritme en vorm. Zijn schilderijen balanceren tussen een gecontroleerde virtuositeit en een bewuste naïviteit. Daardoor ontstaat een spanning tussen eenvoud en complexiteit, tussen onmiddellijke herkenbaarheid en formele abstractie.

In een tijdperk van snelle digitale beeldproductie kiest Santy bewust voor schilderkunst als traag, materieel en weerbarstig medium. Zijn praktijk onderzoekt hoe beelden functioneren, hoe herinnering werkt en hoe schilderkunst nog steeds onze blik op de werkelijkheid kan herstructureren.

Vooraleer hij zich voltijds aan de kunst wijdde, werkte Santy als fabrieksarbeider. Als autodidact ontwikkelde hij via intensieve zelfstudie een uitgesproken eigen beeldtaal. Sinds zijn internationale doorbraak in 2021 groeide hij uit tot een van de meest opvallende stemmen binnen de hedendaagse Belgische schilderkunst, met tentoonstellingen in onder meer S.M.A.K. Gent, ABBY Kortrijk, Kunsthaus NRW Aken, BOZAR Brussel en de Heidi Horten Collection in Wenen.

Praktisch

KRISTOF SANTY ​
BOLERO
10 september – 24 oktober 2026
Sorry We’re Closed
Rue des Minimes, 39
​1000 Brussels, Belgium

Tentoonstellingstekst door Louis-Philippe Van Eeckhoutte

Bolero

Er staat een ijscoupe te glanzen: een glazen schaal vol room, fruit en koekjes, tegelijk feestelijk en geordend. Wie aandachtiger kijkt, ziet hoe het dessert geen vluchtige verleiding blijft, maar een opbouw van cirkels, strepen, bollen en randen wordt: een opeenvolging die de blik omhoogstuwt en telkens opnieuw terugstuurt naar de schaal. Zoals Ravel in zijn Bolero één motief laat terugkeren, bijna koppig, en toch telkens zwaarder, voller, dwingender wordt, zo laten deze werken kleuren, contouren en patronen aanzwellen tot een langzaam crescendo van huiselijke dingen.

Kristof Santy schildert een komkommer, een kiwi, peren, bloemen, manden, borstels, ijs, limonade, aanstekers, fietsen, sleutels, riemen, glazen en taartjes met een ernst die op het eerste gezicht onbekommerd lijkt en daarna minder onschuldig wordt. Het gewone voorwerp wordt niet bevrijd uit zijn banaliteit; het wordt erin vastgezet, frontaal, groot, onontkoombaar.

Santy’s contouren zijn niet louter grafische hulpmiddelen, geen nette omtrekken die de voorstelling leesbaar maken. Al bezitten ze het plezier van affiche en etalage, toch zijn ze nooit alleen decoratief. Zij beslissen waar een voorwerp ophoudt en waar de wereld zich mag aandienen. De lijn beschermt, isoleert, verstrengt. In een mand met wortels, tomaten en blauwe druiven wordt elke vrucht afgescheiden alsof zij recht heeft op eigen stilte. Zelfs de rieten vlecht van de mand, gemaakt uit soepele stroken, krijgt haar eigen stevigheid. De contour verleent waardigheid aan wat men vastneemt, opeet, gebruikt of achteloos teruglegt.

In een reeks nieuwe werken wordt de logica van de contour radicaal doorgetrokken. Tijdens een residentie bij het Frans Masereel Centrum gebruikte Santy de koperen etsplaat niet om afdrukken te maken, maar als drager om lijnen in te trekken, te beschilderen en vervolgens uit te snijden. Zo ontstaan vormschilderijen waarin de buitenrand geen kader meer is, maar inhoud. Het object wordt niet omsloten door zijn vorm; het spreekt via die vorm, met de plechtigheid van een winkelreclame. Een sleutel, riem of aansteker, uit zijn omgeving gelicht, verandert van karakter. Een sleutel wordt pas echt een ding wanneer hij niet langer gebruikt hoeft te worden.

Daarin schuilt Santy’s weigering van de trompe l’oeil. De oude stillevens wilden de toeschouwer laten geloven dat een druif geplukt kon worden, dat een glas koud stond te wachten, dat de zilveren kan het licht vanzelf terugkaatste. Waar het klassieke stilleven vaak de hand wilde laten verdwijnen, toont Santy juist de constructie. Bij hem gebeurt bijna het omgekeerde. De objecten zijn herkenbaar en tegelijk nadrukkelijk geconstrueerd; hun glans, schaduw en volume zijn niet bedoeld om de schilderkunst te verbergen, maar om haar te tonen. Flatness en illusie bestaan naast elkaar, zonder verzoening.

Historisch lopen er stille lijnen naar de Vlaamse keukenstukken van Beuckelaer, Snijders en hun markttaferelen, waar overvloed een spektakel van bezit, smaak en sterfelijkheid werd. Het markttafereel was nooit alleen maar inventaris; het was een wereldbeeld met manden, messen, huiden, handen. Santy neemt uit die traditie het besef over dat gewone goederen de ernst van een groot formaat kunnen dragen. Hij mildert de barokke overvloed en herleidt haar tot vorm.

Hij zet haar frontaal, vlakt haar af, vergroot haar tot een bijna komische monumentaliteit. Het is alsof een voorraadkamer uit de zeventiende eeuw in een hedendaagse etalageruit is geplaatst.

Een boeket in een gieter, een winkelmand, en een débardeur verschijnen met de plechtigheid van een portret. De mens is afwezig, maar het gebruik blijft voelbaar: de dingen lijken te verschijnen vóór of na een handeling.

Die spanning tussen banaal onderwerp en strenge compositie geeft het werk van Santy een licht onbehagen. Het schilderij “Borstels” brengt die dubbelheid het dichtst bij de schilder zelf. De penselen zijn onderwerp, gereedschap en bekentenis tegelijk. Hun haren, stelen, metalen banden en verfsporen vormen een meta-zelfportret zonder gezicht, een inventaris van arbeid die zich voordoet als stilleven.

Santy’s tekeningenreeks “Cours de Dessin” ​ vormt geen voorstudie voor de schilderijen. Zij spreken in een eigen, dunnere stem. Potlood en was laten tegelijk ontwerp en voltooiing zien: de aarzelende maatlijn blijft naast de vaste contour staan. Daardoor wordt het object niet spontaner, maar kwetsbaarder in zijn constructie.

Misschien is dat de melancholie van Bolero: alles blijft herkenbaar, maar niets keert terug zoals het was.

Louis-Philippe Van Eeckhoutte

Foto: Kristof Santy

Related Posts

Welcome Back!

Login to your account below

Retrieve your password

Please enter your username or email address to reset your password.